Een magazine-layout ontwerpen — terminologie
Design
Onze top 25 termen en definities
We houden van magazines. We houden zowel van ze ontwerpen als van ze lezen. Van het bewonderen van slimme lay-outs en gedurfde keuzes. En hoewel we er heilig van overtuigd zijn dat online magazines de toekomst hebben, gaat er niets boven de geur van een vers gedrukt exemplaar van je favoriete magazine. Oké, misschien de geur van vers gebakken croissants. Ja, dat is waarschijnlijk toch beter.
Magazineterminologie
Het valt niet te ontkennen dat online magazines hun oorsprong vinden in hun papieren tegenhangers, en ze delen een hoop dezelfde regels voor lay-outdesign, dezelfde methodes om je pagina op te fleuren en dezelfde terminologie. Voor deze lijst hebben we ons gericht op de 'ouderwetse' termen uit de papieren magazinewereld.
Woordenlijst met onze top 25 magazine-lay-outtermen en definities
Of je nu een goed gesprek wilt voeren met andere ontwerpers, de oplossing wilt googelen voor lay-outproblemen waar je tegenaan loopt, of gewoon slim voor de dag wilt komen als je je magazineontwerp aan je klant verkoopt: het helpt om de juiste lay-outtermen te kennen. We hebben een uitgebreide lijst samengesteld met de termen die je waarschijnlijk wilt kennen.
Oké, technisch gezien is het misschien geen top 25 als je ze alfabetisch zet in plaats van ze te ranken…
1. Adobe
Vergeet de leemstenen; we hebben het over de softwaregigant die het brood en beleg is van elke ontwerperstoolkit. Adobe geeft je de creatieve vrijheid om je magazine-lay-out van "tja" naar "schitterend" te tillen.
2. Baseline
Zie het als het koord waarop je tekst balanceert. Het is de onzichtbare lijn die voorkomt dat je letters de ontwerpafgrond in tuimelen. Een goed beheerde baseline is de onbezongen held van een strakke lay-out.
3. Binding
Ah, de ruggengraat van de operatie. Letterlijk. Het is wat je magazine bij elkaar houdt, dus kies verstandig. Of het nu geniet of garenloos gebonden is: je bindkeuze is de rug van je publicatie.
4. Bleed (afloop)
Nee, het is geen horrorfilm. In de designwereld is bleed de extra ruimte waardoor je beelden tot aan de rand van het papier kunnen doorlopen. Het is de landingsbaan voor je visuals, voor een soepele landing in het uiteindelijke drukwerk.
5. Body text (broodtekst)
Hier zit het vlees van je content. Het zijn de alinea's die het verhaal vertellen, de details die de gaten vullen. Maak het leesbaar, maak het boeiend, maar in hemelsnaam: maak er geen Comic Sans van.
6. CMYK
De Fab Four van de drukwereld: cyaan, magenta, geel en key (zwart). Dit zijn de inktmaestro's die mengen en mixen om de kleuren van je magazine tot leven te brengen. Vergeet RGB; bij CMYK gebeurt de drukmagie.
7. Kolom
Zie het als de ruggengraat van je paginalay-out. Kolommen geven structuur aan je content, als rijstroken op een snelweg die de ogen van je lezer sturen waar jij ze hebben wilt.
8. Copy
Nee, we hebben het niet over een kopie. In designjargon verwijst 'copy' naar de tekstinhoud die je pagina's vult. Het zijn de woorden die verkopen, vertellen en overtuigen.
9. Snijtekens
Dit zijn je hier-snijden-richtlijnen. Ze vertellen de drukker waar het papier bijgesneden moet worden, zodat je ontwerp precies past, als een maatpak.
10. Uitklappagina
De grote onthulling! Een uitklappagina is een verlengde pagina die openvouwt om een groter beeld of extra content te tonen. Een pop-upboek voor volwassenen.
11. Gutter (rugmarge)
Hier gaat geen regenwater doorheen. In magazinelay-out is de gutter de ruimte tussen kolommen of pagina's. Het is de ademruimte die voorkomt dat je tekst claustrofobisch aanvoelt.
12. Kerning
De kunst van letterspatiëring. Kerning past de ruimte tussen individuele tekens aan, zodat je tekst er niet te opeengepakt of te eenzaam uitziet.
13. Lay-out
Het grote podium waar al je designelementen samenkomen. Lay-out is de rangschikking van tekst, beeld en ander moois die van je magazine een visueel feestmaal maakt.
14. Pantone (PMS) kleuren
De vipruimte van de kleuren. Pantone biedt een universele taal voor kleur, zodat de tinten die jij kiest er overal en altijd hetzelfde uitzien.
15. Pixelbeelden
Dit zijn de digitale mozaïeken die uit piepkleine stipjes bestaan: pixels. Prima voor foto's, maar zoom te ver in en je belandt in een gepixelde nachtmerrie.
16. Prepress
De laatste pitstop voor het drukken. In de prepress controleer je alles nog eens dubbel, van kleurnauwkeurigheid tot lay-outafmetingen. Je laatste kans om foutjes te betrappen.
17. Registermarkeringen
Dit zijn de roosjes voor je drukker, die zorgen dat alle kleuren perfect uitlijnen. Mis je de markering, dan eindig je met een designramp.
18. Resolutie
Dit is geen goed voornemen. In design verwijst resolutie naar de kwaliteit van je beelden. Hoe hoger de resolutie, hoe scherper het beeld.
19. Slug
Nee, het is geen tuinplaag. In het drukwerk is een slug een gebied buiten de pagina-inhoud waar je notities voor de drukker kunt zetten.
20. Spread
Dit is een lay-out over twee pagina's die als één designeenheid behandeld wordt. Hier kan je content de benen strekken en meer visuele ruimte innemen.
21. Inhoudsopgave
De routekaart van je magazine. Hij vertelt je lezers waar ze wat kunnen vinden, als een navigatiesysteem voor content.
22. Trim (snijmaat)
Hier worden de randen bijgeknipt zodat je magazine op zijn uiteindelijke formaat past. Een knipbeurt voor je publicatie.
23. Typografie
De kunst van tekst. Typografie draait om het kiezen van de juiste lettertypes, groottes en spatiëring om je content leesbaar en esthetisch aantrekkelijk te maken.
24. Vectorbeelden
Dit zijn de kameleons van de designwereld. Vectorbeelden kun je schalen zonder kwaliteitsverlies, waardoor ze perfect zijn voor logo's en illustraties.
25. Witruimte
De onbezongen held van design. Witruimte is het lege gebied dat je content ruimte geeft om te ademen. Het is geen verspilde ruimte; het is ademruimte.